Instituut voor Journalistiek - Syntra2

Instituut voor Journalistiek - Syntra2

VIJ - Syntra Journalistiek 2

Dit is de blog van de studenten journalistiek 2.

De toekomst van de media ligt in de selectie

AlgemeenPosted by Syntra2 Fri, February 27, 2009 01:06:56

Paperazzi’s die als wolven de beroemdheden najagen, de riooljournalistiek, waarvan voor vele lezers en ook reporters een duistere aantrekkingskracht uitgaat, de echte journalist spuugt erop. Als we het hebben over de teloorgang van de media gaat het ook over iets anders. De echte journalist is iemand die gebeten is door het verhaal achter het nieuws. Iemand voor wie louter feiten berichten en de laatste nieuwtjes meedelen, niet volstaat. De echte journalist brengt informatie, trends en evoluties. En daar knelt nu net het schoentje.

Zestig ontslagen bij Corelio (De Standaard), een kwart van de journalisten weg bij De Morgen (De Persgroep), de VRT moet het met 71,6 miljoen euro minder doen, Roularta bespaart 10 miljoen in zijn Franse afdeling. Harde cijfers. En naast die cijfers wordt ook nog het métier zelf aangevallen. En dat is geen recent gebeuren. Al in de jaren tachtig begon de verschuiving naar de commercialisering van de pers.

Meer en meer verschoof de nadruk van de onderzoeksjournalistiek naar de gezellige babbel. Bij de geschreven pers moesten de experts plaats ruimen voor reporters die algemeen inzetbaar zijn. Meer en meer werden ze een doorgeefluik dieniet langer in staat waren om de informatie die bij hen toekwam kritisch te analyseren. Nochtans is dit de basis van goede journalistiek. Dit erkenden ook de oprichters van Le Figaro, een van Frankrijks toonaangevende kranten, toen ze de naam en het motto van hun dagblad ontleenden aan De bruiloft van Figaro, een komedie van Pierre De Beaumarchais. Het motto Sans la liberté de blâmer, il n'est point d'éloge flatteur of Zonder de vrijheid te bekritiseren, heeft het geen zin te prijzen.

Langzaamaan echter heeft de audiovisuele media de geschreven pers verdrukt. En ook daar merken we dezelfde evolutie. Bij de VRT heeft Bert De Graeve in 1996 de budgetten van Panorama verminderd, en plaats gemaakt voor het praatcafé Terzake. Om beurten menen de doorgewinterde ondervragers hun gasten keer op keer te moeten onderbreken om ze, vaak met heel suggestieve vragen, gebalde uitspraken te ontlokken. Dit is geen kritische journalistiek. De personencultus deed z’n intrede. Politici stoorden zich niet aan deze evolutie. Zij slaagden erin via de televisie op eenvoudige manier een grote groep mensen/kiezers te bereiken. De boodschap werd secundair aan de persoon, en de overheid richtte al haar middelen op de audiovisuele media. Dit alles zette de geschreven pers nog meer onder druk. Het was alle hens aan dek, en de hoofdredacteur werd marketeer.

Een tweede evolutie die zich nu voordoet is de intrede van de online media. Journalisten worden geconfronteerd met de sms- en e-mailcultuur. Gedaan met enkele momenten reflectie over wat nu net geschreven is. Gewoon op het internet zetten die boel. Berichten worden steeds vaker overgenomen zonder dubbelchecken. Politieke filmpjes op youtube, nieuwssites en fora vormen soms aanleiding tot scheldtirades. “Loser content” heet zoiets, naar analogie aan de user generated content in de Web 2.0 structuur. Iedereen wordt journalist, en of een bericht al dan niet aanslaat heeft niet langer te maken met de waarde van de informatie, maar alles met het entertainment gehalte. Elke blogger die een minister tegenkomt op café heeft de kans even te kunnen genieten van Warhols 15 minuten roem. Het is dan ook niet verbazend dat journalisten zich laten verleiden tot het brengen van dergelijke verhalen. Hoe moeten ze anders de concurrentie aangaan met het internet?

Sommigen vragen zich al af of het internet wel geschikt is voor ernstige journalistiek.Dit is ongetwijfeld het geval. Het internet is één van de belangrijkste evoluties van de voorbije jaren. Een middel waarvan we het potentieel nog lang niet benutten. Het is bovenal een democratisch medium. Iedereen kan berichten plaatsen en iedereen heeft toegang tot de geposte berichten. Dit is dan ook de basis van nieuwssites zoals OhMyNews, die met dagelijks meer dan een miljoen lezers één van de belangrijkste informatiebronnen van Zuid-Korea is geworden. Hier in België is Indymedia.be begonnen met het uitdelen van perskaarten aan burgerjournalisten. De kloof tussen de artikels die geschreven worden door burgerjournalisten en artikels geschreven door beroepsjournalisten verkleint.

Meer dan ooit tevoren kunnen we onszelf omringen met die kennis die ons interesseert, met die informatie die we nodig hebben, met die weetjes die ons boeien. En juist daarin schuilt de uitdaging. Zoals Bas Heijne van het NRC Handelsblad het stelt: “De grootste clash vindt plaats tussen deskundigen en 'deskundigen', tussen cijfers en 'cijfers', tussen feiten en 'feiten'. Toen ik de Amerikaanse denker en overtuigd Darwinist Daniel C. Dennett een paar jaar geleden sprak, betrof zijn grootste angst niet de gelovigen die ervan overtuigd zijn dat Christus voor onze zonden is gestorven, maar de manier waarop kennis tegenwoordig gemakkelijk kan worden ondermijnd. “Waar haal je het nieuws vandaan? Van blogs? Van kranten? Van netwerken? Het verschil tussen betrouwbaar en onbetrouwbaar nieuws wordt steeds moeilijker te onderscheiden. Censuur is er niet, maar er is wel een vloedgolf van verkeerde informatie. Neem mijn boek over ‘religie als een natuurlijk fenomeen’. Niemand zal erover piekeren dat te censureren. Mensen die het niet met mij eens zijn, hebben veel betere manieren om mij te bestrijden. Ze kunnen een vloedgolf van geruchten en foutieve informatie razendsnel de wereld rond laten gaan en mij en mijn boek verdacht maken. Daar valt weinig tegen te doen. Dat vind ik pas echt bedreigend.”

Waar moeten we dan heen? Een bijeenkomst van toplui uit de media met Kris Peeters leverde niets op. Het is ten zeerste de vraag of overheidshulp in het belang is van de journalisten en het publiek. Hoe moeten ze later nog kritiek leveren op hun donor? Nu al is de staat de grootste sponsor van de pers. Bovendien krijgen de media nog een reeks aan voordelen. Onder meer speciale posttarieven, btw-regelingen en speciale invoertarieven voor papier. Aan Vlaamse kant is er een initiatief zoals “Kranten in de klas”. Maar ook dat biedt geen afdoende oplossing. Eigenlijk zie ik geen echte oplossingen. Ons marktgebied is eenvoudigweg te klein voor echte onderzoeksjournalistiek. Hoe kan Trends (Roularta) dat samen met z’n Franstalige tegenhanger Tendences een oplage heeft van zo’n zestigduizend exemplaren concurreren met The Economist (The Economist Group) waarvan wekelijks één miljoen exemplaren over de toonbank gaan? In Vlaanderen slaagt enkel De Tijd (Mediafin) er nog in zich te onderscheiden van de massa. Vanaf mei dit jaar zullen ze dit overigens niet enkel inhoudelijk doen, maar ook in vorm door op zalmkleurig papier te gaan drukken.

De markt biedt echter ook opportuniteiten. Het laagdrempelige internet staat toe nichemarkten te bedienen. Het wordt mogelijk de vraag naar gespecialiseerde informatie te beantwoorden. Initaitieven zoals Mediplanet.be, een online medisch journaal, richten zich op heel specifieke doelgroepen die daar dan ook graag voor betalen. De explosie aan informatie op het internet creëert de noodzaak er mee te leren omgaan. Ook aan heel gespecialiseerde berichten is geen gebrek. De uitdaging van de toekomst ligt in de selectie.


Jelmen Haaze

  • Comments(0)

Fill in only if you are not real





The following XHTML tags are allowed: <b>, <br/>, <em>, <i>, <strong>, <u>. CSS styles and Javascript are not permitted.